7. De Afstemming: Dagstart, Zomerprogramma en Boodschappen

Donderdagochtend 13 augustus om 08:00 uur; wederom tijd voor het ontbijt.

Dit maal schoof Otto bij ons aan tafel, zat Katja (op tijd) naast me en werd er medegedeeld dat er vandaag geen evaluatie in de grote groep zou plaatsvinden.

In plaats daarvan zouden we een 'dagstart' hebben; "Een soort koffiepauze, maar dan aan het begin van de dag", legde Kay uit.

Zo liepen er die ochtend vanaf 9 uur inderdaad de hele tijd therapeuten en jongeren heen en weer door de Meepo en leefgroepen. Een vroege koffiepauze, maar dan chaotischer. Het was een komen en gaan van jongeren die van de plotselinge vrije tijd gebruik maakten om nog even te douchen, de haren en make-up te doen of nog even (stiekem) verder slapen. Ook de therapeuten maakten gebruik van de tijd om nog wat voor te bereiden, een afspraak te plannen met een jongere en om toch nog even een kopje koffie of thee te drinken. Ik kreeg dan ook nu pas door dat de koffiepauze (en dagstart) geen verplichte programma's waren. Desondanks durfde ik het voor de zekerheid nog niet te missen.

Nadat ik zelf op de kamer mijn halflang, bruin bosje stro maar in een paardenstaart had geknoopt, ben ik ook buiten op het terras aan de picknicktafel gaan zitten.

Het was dan ook een heerlijk zomerdag met vanaf de vroege ochtend al een warm zonnetje. Er werd voor de komende dagen een hittegolf verwacht...

Lekker dan. Ik had thuis gewoon naar het park kunnen fietsen en daar de hele dag in mijn bikini met een boek kunnen liggen zonnen!

Heerlijk vond ik het om 's zomers in het Westerpark te zitten. Het af en toe observeren van mensen in het park maakte ook het leren voor mijn eindexamens wat draaglijker. Maar ja, nu zat ik in the middle of nowhere in Alkmaar me stierlijk te vervelen en ongemakkelijk te voelen tussen al die nieuwe mensen die zich wel op hun plek leken te voelen op de KP.

Na de dagstart, toen alle therapeuten behalve enkele socio's uit het zicht waren verdwenen, en ik met twee andere jongeren overbleef aan de picknicktafel, vroeg Sabrina uit de daggroep mij of ik misschien mee wilde helpen met de 'zwembadcommissie'. Wat dat ook mocht zijn, ik werd gevraagd om te helpen! Ik mocht wat doen! Natuurlijk was het antwoord ja.

Samen met de 'zwembadcommissie'-leden Josje, Sabrina, Kay en Brenda haalden we samen met een socio een zeil en een doos met daarop een zwembadje afgebeeld uit het voorraadhok.

Het was enorm fijn om eindelijk eens iets 'productiefs' te kunnen doen na dagenlang te hebben moeten toekijken hoe de andere jongeren het maar druk hadden met therapie en de 'commissieklusjes' daarnaast. Ook was het best gezellig om het zwembadje op te zetten. Simon die inmiddels ook was aangekomen om in te vallen als socio op leefgroep 1 vanwege vakanties hielp ook mee met het vullen van het zwembadje. Bij gebrek aan een tuinslang moest dat gebeuren met emmers water vanuit de keuken van de leefgroep 2, wat natuurlijk gepaard ging met het natspetteren van elkaar. Het was erg attent van de commissie dat zij mij een groot aantal spetters probeerden te sparen omdat ik 'de nieuwe' was, behalve Kay dan. Die gaf goed bedoeld een volle lading.

Het was al snel tijd voor de koffiepauze waarin werd medegedeeld door de socio's wat het plan zou zijn om te gaan doen met het zomerprogramma.

We zouden gaan touwtrekken. De teleurstelling droop van de gezichten van de jongeren af.

"Dat meeeeeeen je niet!", verzuchte Katja.

"Op het strand", vulde Simon grijnzend aan en langzaam aan kwamen er enige tekenen van enthousiasme onder de jongeren tevoorschijn.

"Het is wel zo dat jullie gaan fietsen, dus zorg ervoor dat je een fiets hebt! Jullie weten dat het een regel is dat je hier een fiets moet hebben, dus probeer er één te regelen."

Het regelen van een fiets ging verbazingwekkend snel. Er waren een aantal jongeren die uit zichzelf aan mij vroegen of ik al een fiets had en al snel had ik via via een fiets van een jongere uit de daggroep te leen gekregen die niet mee zou gaan naar het strand. Ik was erg onder de indruk, maar vooral verbaasd over hun betrokkenheid.

Het zomerprogramma

Om 13:30 uur stonden alle jongeren uit beide leefgroepen, een paar jongeren uit de dagroep + socio's Max en Simon klaar naast het hek op de parkeerplaats achter de kliniek. Nou ja, bijna alle jongeren. Er waren twee jongeren die nog steeds geen fiets hadden kunnen regelen en waar het wachten nu op was. Ongeveer een half uur later kwam Simon zichtbaar geïrriteerd vanaf de receptie naar ons teruglopen met het tweetal jongeren en twee fietsen.

"Ik snap niet dat jullie de hele ochtend al wisten dat jullie een fiets nodig zouden hebben en niet de moeite hebben genomen wat te regelen. Bovendien is het de regel dat je een fiets moet hebben tijdens je verblijf op de kliniek..."

De preek van Max ging nog even door en ik ging me steeds schuldiger voelen.

Peter den Duijn had inderdaad ergens genoemd tijdens het intakegesprek dat ik een fiets nodig had, maar ik was het daarna gewoon vergeten. STOM!

Terwijl ik in gedachten over mijn stommiteiten achter de meute aan fietste werd me door één of twee jongeren gevraagd of alles oké was. "Eh.. ja hoor, gewoon een beetje aan het dagdromen", antwoordde ik zoals ik op school ook altijd deed wanneer iets me dwarszat waar ik nog een tijdje over na moest denken. En ook nu fietsten de jongeren weer verder zodat ik alleen met mijn gedachten achteraan kon blijven fietsen, totdat Max halverwege de tocht ineens naast me kwam fietsen.

"Hee Roos, hoe gaat het?"

"Goed hoor!"

"En nu hoe het echt gaat?"

Beng. Die zag ik niet aankomen.

"Eh... ik zat een beetje in gedachten."

"Dat zag ik ja". Hij glimlachte en ik voelde me betrapt.

"Hee, hoe vind je het tot nu toe? Je afstemming?"

"Ehm, nou ja de therapieën lijken me allemaal erg goed en ik snap waar ze voor bedoeld zijn, maar eigenlijk voelde ik me de weken voor ik hierheen ging al een stuk beter."

Ik twijfelde of ik het volgende wel moest zeggen, maar ik had zo'n idee dat Max toch wel door had gevraagd.

"Eigenlijk weet ik nog niet zeker of ik de behandeling wel aan wil gaan. Juist nu krijg ik namelijk ook weer zin om verder met mijn leven te gaan: me te gaan voorbereiden op de auditie van de kleinkunstacademie van volgend jaar bijvoorbeeld."

Max luisterde aandachtig terwijl hij af en toe achter mij ging fietsten om passeerders te laten passeren. We fietsten inmiddels door een bos net buiten de stad. Een mooie en fijne omgeving om doorheen te fietsen viel me op, met uitzichten die ik niet zo gewend was van mijn eigen woonomgeving.

"Oké, dat begrijp ik. Toch hoor ik een twijfel, klopt dat? En waarom zou je niet eerst de behandeling doen en daarna de auditie?"

"Omdat ik twaalf maanden erg lang vind. Ik denk wel dat de behandeling me misschien zou kunnen helpen, maar ik zie er tegenop dat het zo lang duurt. Als het maar een half jaar duurde had het wel gekund tot de auditie zeg maar", zei ik voorzichtig en bedenkelijk.

"Dat snap ik ook, al moet ik zeggen dat jongeren in het begin altijd denken: hoe hou ik het in hemelsnaam vol die twaalf maanden, om uiteindelijk na afloop van de behandeling te zeggen: wat ging de tijd snel, het was alsof ik gisteren nog in mijn afstemming zat!

Ik snap ook dat je het van mij, een socio, je ITB'er die je nog nauwelijks kent moeilijk zal aannemen, maar vraag eens rond bij de andere jongeren zou ik zeggen", vertelde Max.

"Wat zou eigenlijk je motivatie zijn om de behandeling wel aan te gaan? Wat zorgt ervoor dat je toch twijfelt?"

Ik betwijfelde of ik iets sneller van een 'jongere' zou aannemen dan van een socio, een 'volwassene' zoals hij, maar ik vond het wel erg sympathiek van hem dat hij dat zo zei.

"Aan de andere kant denk ik ook wel ergens dat ik niet op miraculeuze wijze van mijn depressie af ben gekomen, maar ik nu gewoon weer eens een keer een 'upje' heb na een lange 'down'. Als ik er zeker van zou willen zijn dat ik niet weer zo'n lange down krijg, zou het denk ik wel helpen om een behandeling aan te gaan. Dat geeft denk ik ook wel meer zekerheid bij de auditie, want ik voel me wel erg onzeker om die auditie te gaan doen. Ik durf nog steeds niet zo goed, al wil ik op dit moment wel echt heel graag."

Max was even stil. We reden de duinen al in.

"Dat klinkt eh, erg verstandig hoe je dat zo zegt. Ik begrijp je dilemma Roos en ik snap ook dat je waarschijnlijk liever je zomer thuis doorbrengt, maar ik wil je toch het advies geven de behandeling nu aan te gaan. Je zou ook eerst de kleinkunstacademie kunnen gaan doen en misschien gaat het dan wel uitstekend met je! Maar de mogelijkheid is er ook dat het dan nog niet goed met je gaat en je een terugval krijgt. Je bent nu nog jong, dus als je nu met je problemen aan de slag gaat is de kans veel kleiner dat je op je 30e een terugval krijgt en dan in de volwassenenpsychiatrie terecht komt. Ik kan je vertellen dat je daar niet blij van word Roos. Ik weet namelijk hoe het er daar aan toe gaat: ze stoppen je vol met pillen en van een behandeling valt nauwelijks te spreken. Je kan dan veel beter, nu je nog jong bent die problemen aanpakken, zodat je later in je leven, wanneer de meeste mensen tegen hun problemen aanlopen die ze hebben weggestopt, vooral bezig kunt zijn met genieten van je leven."

Hij was weer even stil en ik was er vooral stil van.

"Denk er nog maar over na Roos, ten slotte hoef je aanstaande woensdag bij je afstemmingsgesprek pas te beslissen, maar ik wil je wel aanraden om het in gesprek te houden. Zul je dat doen?"

Ik knikte.

Eenmaal op het strand probeerde ik me weer bij de jongeren te voegen terwijl ik het gesprek met Max liet bezinken. Het luchtte wel enigszins op het besproken te hebben, al deed het advies van Max me nog meer twijfelen dan ik al deed. Ik neigde namelijk vooral naar de behandeling niet aangaan, maar nu? Nu leek het 't verstandigste te zijn om dat juist wel te doen.

"Oké, zijn jullie er klaar voor?"

Simon stond in het midden van het touw, terwijl de jongeren aan weerskanten vast aan het touw waren gaan hangen.

"En GO!"

Fanatiek als ik ben met spelletjes en vooral sport, hing ik met mijn volle gewicht aan het touw. Niet dat ik erg veel bijdroeg met mijn 1 meter 58, maar ik deed mijn best.

Het werd gelijkspel (beiden partijen wonnen een keer) en het bleek dat het andere team de prijs van het gehele zomerprogramma had gewonnen.

Nu het verplichte onderdeel klaar was, waren we vrij om te gaan doen wat we wilden. De jongeren uit de daggroep gingen al snel weer terug zodat ze hun trein konden halen om op tijd thuis te zijn, ook enkele leefgroepers die met tegenzin waren gekomen gingen weer richting kliniek, maar de meesten jongeren bleven omdat ze nog in de zon wilden liggen of wilden zwemmen.

Aangezien ik me erop had verheugd te kunnen zwemmen in de zee (en vrij goede vervanging voor zonnen in het park vlakbij huis), bleef ik ook nog hangen bij Max en Simon met het laatste groepje jongeren waaronder mijn beiden kamergenotes, hun vriend Fabian en verder Brenda, Lola, Britt en Linde.

Met een flinke dosis gêne ontdeed ik me van mijn overige kleding zodat ik in bikini me ongemakkelijk stond te voelen terwijl ik wachtte tot de anderen ook zover waren om de zee in te duiken. Ik vond het heerlijk om te zonnen en te zwemmen, maar het was altijd een 'ding' om in zulke weinig verhullende kledingstukken rond te lopen. Vooral nu mijn maag zo opgezet was de laatste dagen.

Ik bedacht me ineens dat het weinig zin heeft om te wachten als de anderen straks toch ook de zee in zouden komen. Ik verkondigde vlug: "Ik ga vast" en trok een sprintje naar de zee zodat ik mezelf kon onderdompelen en mijn lijf tot aan mijn hoofd onzichtbaar was.

Niet veel later kwamen inderdaad Katja, Lindsay en Fabian mijn kant op. Het drietal was erg lacherig. Begrijpelijk aangezien Fabian op een gegeven moment zeewier had opgedoken, het over zijn schouders had gedrapeerd als boa en uitriep: "I'M THE QUEEN OF THE SEA!" en zich vervolgens achterover liet vallen in het water.

De boodschappen

Aangezien ik de weg naar de kliniek niet meer wist (het was een aardige tocht vanaf de afdeling waarvan ik het grootste gedeelte in gesprek was met Max en niet goed had opgelet), moest ik wachten tot het trio terug wilde gaan. Ik had het door alle taferelen in het water namelijk gemist toen de andere meiden en de socio's weer terug zijn gegaan. Er was nog een debat over of ze wel op tijd terug wilden zijn voor het avondeten, maar gelukkig besloten ze dat het lullig voor mij zou zijn als ik te laat zou komen tijdens mijn afstemming en dat zij dan waarschijnlijk toch de schuld zouden krijgen.

Ik besloot tijdens deze discussie sowieso voor Zwitserland te spelen en dan maar te hopen dat ik inderdaad op tijd terug zou zijn voor het avondeten.

Terug in de kliniek werd me zodra ik de leefgroep in liep, gevraagd door Josje en Jim waar ik was.

"Ehm, gewoon op het strand met de anderen?", zei ik voorzichtig. "Hoezo?"

"O oké, nou eigenlijk moest je boventallig mee boodschappen doen vandaag met ons volgens je afstemmingsrooster...", zei Jim ook voorzichtig.

Ik schrok.

"Maar het geeft niet hoor!", zei Josje er gelijk achteraan. "Het was niet zo veel en bovendien vind ik het eigenlijk ook onzin. Natuurlijk weet je hoe je boodschappen moet doen. Toch?"

Ik knikte, maar was er niet van overtuigd dat het niet gaf...

Die avond kon ik niet slapen. Omdat Katja en Lindsay al snel sliepen en ik bang was dat ik hen wakker zou maken met mijn gewoel en gedraai, ben ik voorzichtig de gang opgegaan om naast de slaapkamerdeur op de grond gaan zitten met mijn rug tegen de muur. De koude muur werkte ontspannend.

Zo zat ik een tijdje verzonken in gedachten van alle stomme dingen die ik die dag had gezegd of gedaan, tot ik ineens voetstappen op de trap hoorde. Mijn hart schoot in mijn keel.

Shit. De nachtdienst!

Tot mijn schrik kwam ze ook nog direct mijn kant opgelopen. Zou ze me al gezien hebben?

Ik wachtte in spanning af.

Miranda kwam steeds dichterbij tot ze zowat naast me stond, keek naar beneden en schrok zich wezenloos.

"O mijn...! Roos! Wat doe jij nou hier? Het is al half 1 's nachts!", zei ze 'luid' fluisterend.

"Sorry, ik wilde u niet laten schrikken, ik kon niet slapen."

"Nee... oké, geeft niet, maar het is echt niet de bedoeling dat je dan op de gang gaat zitten, vooral niet op die koude vloer. Als je in bed blijft liggen heb je meer kans dat je slaperig word. Goed? 'Gud-naid' Roos. O en als er wat is, weet je me te vinden he?"

Ik knikte al had ik geen idee. Ik nam aan het sociohok.

Met tegenzin ging ik weer in bed liggen en viel uiteindelijk in slaap.

Volg mij
  • Facebook Clean
  • Twitter Clean
Hoofdstukken overzicht

Dit verhaal is gebaseerd op een waargebeurd verhaal; mijn verhaal. In verband met privacy zijn de personages en gebeurtenissen geanonimiseerd en gefictionaliseerd.

This site was designed with the
.com
website builder. Create your website today.
Start Now